Mijn set spelprincipes

MISSIE:
Wij willen met plezier altijd groeien naar een hoger niveau. We bouwen samen op de hoogste intensiteit op trainingen. We spelen met lef, in hoog tempo en om het publiek te laten genieten.

AANVALLEND

Algemene mindset:

  • Wat de stand ook is: We willen altijd zo veel als mogelijk en zo snel als mogelijk scoren.
  • We willen efficiënt bewegen zonder bal: juiste timing, juiste intensiteit en juiste richting.

Specifieke teamprincipes:

  • In de laatste 20 meter van het veld willen we ‘one touch’ voetbal spelen. (Het is lastig te verdedigen, onvoorspelbaar, hoog tempo)
  • Passing voorwaarts is zo veel als mogelijk diagonaal (Het is lastig te verdedigen, ontvanger is al deels voorwaarts gedraaid).
  • Diepte loopacties starten zoveel als mogelijk aan de contrakant van de as ten opzichte van de bal (Dat houdt het gezicht van de loper meer richting het doel en maakt scoren makkelijker).
  • Loopacties van het doel van de tegenstander af – diagonaal, breed of in de bal – maken we om tegenstanders uit defensieve positie te spelen en niet om de bal te ontvangen (Om een medespeler de ontstane ruimte in te laten gaan en hem met een pass te bereiken en soms ook om de veldbezetting in balans te houden).
  • Als we kiezen voor een lange bal voorwaarts door de lucht, sluiten we als team in zijn geheel in hoog tempo bij (om de eventuele tweede bal te veroveren).

OMSCHAKELEN NAAR VERDEDIGEN

Algemene mindset:

  • Onze eerste reactie is in de hoogste intensiteit in de richting van de bal bewegen om deze te veroveren of om minimaal een bal terug af te dwingen.
  • We willen de tegenstander direct stress geven op het moment dat zij de bal veroveren.

Specifieke teamprincipe:

  • Op de helft van de tegenstander: De speler die het dichtste bij de tegenstander met de bal is, zet vol aan om deze te veroveren maar zonder zich te laten uitspelen. Overige spelers bieden direct in hoog tempo ondersteuning door druk te zetten op de spelers die het meest waarschijnlijk ingespeeld gaan worden.
  • Op de eigen helft is onze eerste zorg de kortste weg naar het doel afschermen, de as dichtzetten en direct de achterste linie op lijn te krijgen.

VERDEDIGEND

Algemene mindset:

  • We willen tegenstanders met de bal zo ver mogelijk van ons eigen doel afhouden.
  • Verdedigen doen we met z’n allen en we sturen elkaar daarin verbaal aan.

Specifieke teamprincipes:

  • We zetten passlijnen op het hele veld naar tegenstanders in de as dicht door spelers voor ons te coachen, maar ook door zelf om te kijken.
  • Als we druk zetten op de tegenstander met de bal, dan doen we dat altijd vanuit een tegenstander om deze eerste lijn direct te blokkeren.
  • We willen de tegenstander op hun eigen helft onder druk zetten waarbij we de twee opponenten die het verste van de bal afstaan durven los te laten.
  • De speler het dichtste bij de bal bepaalt of er druk gezet wordt. Zijn sprintactie naar de man met de bal, is de trigger voor de rest van het team om bij te sluiten en alles vast te zetten vooral dichtbij de bal. De persoon die de trigger is, heeft ook verantwoordelijkheid te kijken of het team klaar is.
  • Als de tegenstander na vijf seconden nog de bal heeft – na omschakeling naar verdedigen – dan zakken we allemaal in hoog tempo onze verdedigende organisatie terug van 1-4-4-2.
  • Als een tegenstander onder onze druk uitspeelt dan spelen we met onze laatste linie op onze eigen helft op lijn. We stappen dan alleen door als we weten dat de ruimte achter ons – waar we als individu zelf verantwoordelijk voor zijn – niet aangevallen kan worden door een tegenstander.

OMSCHAKELEN NAAR AANVALLEN

Algemene mindset:

  • Onze eerste reactie is voorwaarts denken, kijken en handelen om zo snel mogelijk te scoren.
  • We willen na balverovering binnen 10 seconden een doelpoging creëren op het doel van de tegenstander (De tegenstander staat niet in de meest comfortabele verdedigende organisatie).

Specifieke teamprincipes:

  • Bij balverovering op de eigen helft beweegt de voorste speler zijwaarts naar de open liggende passlijn naar hem toe. Speler aan de bal moet deze zien te bereiken. Tegelijk is er een diepte-loopactie van een speler die de meeste ruimte voor zich heeft.
  • Bij balverovering op de helft van de tegenstander willen we direct een middenvelder die de diepte zoekt contra van de as (overlap). Speler aan de bal moet deze zien te bereiken tenzij er een betere optie is in de as voor het doel.